Terug naar homepage

Inheemse Volkeren - VN Verklaring Rechten Inheemse Volkeren


Kopie NCIV

VN-verklaring over de rechten van inheemse volken 1

De Algemene Vergadering

Met als leidraad de bedoelingen en beginselen van het Handvest van de Verenigde Naties, en goed vertrouwen in de nakoming van de verplichtingen aanvaard door de Staten overeenkomstig het Handvest,

Bevestigt dat inheemse volken gelijk zijn aan alle andere volken, onder erkenning van het recht van alle volken om zich te onderscheiden, zich als onderscheidend te beschouwen, en als zodanig gerespecteerd te worden,

Bevestigt tevens dat alle volken bijdragen aan de diversiteit en rijkdom aan beschavingen en culturen, die tezamen het gemeenschappelijk erfgoed van de mensheid vormen,

Bevestigt verder dat alle doctrines, politiek en gebruiken die zijn gebaseerd op de superioriteit van volken of individuen of deze propageren, op basis van nationale afkomst, raciale, godsdienstige, etnische of culturele verschillen, racistisch, wetenschappelijk onjuist, van rechtswege nietig, moreel verwerpelijk en sociaal onrechtvaardig zijn,

Bevestigt nogmaals dat inheemse volken hun rechten moeten kunnen uitoefenen zonder enige vorm van discriminatie,

Is bezorgd dat inheemse volken hebben geleden onder historisch onrecht als gevolg van, onder andere, hun kolonisatie en onteigening van hun land, gebieden en middelen, waardoor ze zijn belemmerd in de uitoefening van met name het recht op ontwikkeling overeenkomstig hun eigen behoeften en interesses.

Erkent de dringende noodzaak om de aangeboren rechten van inheemse volken die zijn ontleend aan hun politieke, economische en sociale structuur en aan hun cultuur, spirituele tradities, geschiedenis en filosofieën, met name hun recht op hun landen, gebieden en middelen, te respecteren en te bevorderen,

Erkent verder de dringende noodzaak om de rechten van inheemse volken die zijn bekrachtigd in verdragen, akkoorden en andere constructieve afspraken met Staten te respecteren en bevorderen,

Verwelkomt het feit dat inheemse volken zich verenigen voor politieke, economische, sociale en culturele verbeteringen en om een einde te maken aan alle vormen van discriminatie en onderdrukking ongeacht waar dit plaatsvindt,

Is ervan overtuigd dat controle van inheemse volken over ontwikkelingen die hen en hun landen, gebieden en middelen beïnvloeden hen in staat zal stellen hun instellingen, culturen en tradities te handhaven en versterken, en om hun ontwikkeling overeenkomstig hun ambities en behoeften te bevorderen,

Erkent tevens dat respect voor inheemse kennis, culturen en traditionele gebruiken bijdraagt aan duurzame en rechtvaardige ontwikkeling en goede omgang met het milieu,

Benadrukt de bijdrage van de demilitarisatie van de landen en gebieden van inheemse volken aan vrede, economische en sociale vooruitgang en ontwikkeling, een goede verstandhouding en vriendschappelijke betrekkingen tussen naties en volken over de hele wereld,

Erkent in het bijzonder het recht van inheemse families en gemeenschappen op gedeelde verantwoordelijkheid voor de opvoeding, ontwikkeling, scholing en het welzijn van hun kinderen, overeenkomstig de rechten van het kind,

In overweging nemende dat de rechten die zijn bekrachtigd in verdragen, akkoorden en andere constructieve afspraken tussen Staten en inheemse volken in sommige gevallen een zaak van internationaal belang zijn, een internationaal karakter hebben of onder internationale verantwoordelijkheid vallen,

Tevens in overweging nemend dat verdragen, akkoorden en andere constructieve afspraken, en de relatie die ze vertegenwoordigen, de basis vormen voor een versterkte samenwerking tussen inheemse volken en Staten,

Erkent dat het Handvest van de Verenigde Naties, het Internationale Verdrag inzake Economische, Sociale en Culturele Rechten, het Internationale Verdrag inzake Burgerlijke en Politieke Rechten en de Weense Verklaring en Actieprogramma het fundamentele belang bevestigen van het recht op zelfbeschikking van alle volken, op grond waarvan ze vrijelijk hun politieke status kunnen bepalen en vrijelijk hun economische, sociale en culturele ontwikkeling kunnen nastreven,

Rekening houdend met het feit dat niets uit deze Verklaring mag worden gebruikt om enig volk het recht op zelfbeschikking te ontzeggen, uitgeoefend overeenkomstig het internationaal recht,

Ervan overtuigd dat de erkenning van de rechten van inheemse volken in deze Verklaring harmonieuze en coöperatieve relaties tussen de Staat en inheemse volken zal bevorderen, gebaseerd op de beginselen van recht, democratie, respect voor mensenrechten, non-discriminatie en goede trouw,

Moedigt Staten aan om te voldoen aan al hun verplichtingen en deze effectief ten uitvoer te brengen zoals ze van toepassing zijn op inheemse volken krachtens internationale instrumenten, met name verplichtingen gerelateerd aan mensenrechten, in overleg en samenwerking met de betrokken volken,

Benadrukt dat voor de Verenigde Naties een belangrijke en constante rol is weggelegd als het gaat om de bevordering en bescherming van de rechten van inheemse volken,

Gelooft dat deze Verklaring een volgende belangrijke stap is op weg naar de erkenning, bevordering en bescherming van de rechten en vrijheden van inheemse volken en in de ontwikkeling van relevante activiteiten van het Verenigde Naties-systeem op dit gebied,

Erkent en bevestigt nogmaals dat inheemse individuen zonder discriminatie aanspraak kunnen maken op alle mensenrechten die erkend worden in het internationale recht, en dat inheemse volken collectieve rechten bezitten die onmisbaar zijn voor hun bestaan, welzijn en integrale ontwikkeling als volken,

Erkent tevens dat de situatie van inheemse volken verschilt van regio tot regio en van land tot land, en dat de betekenis van nationale en regionale bijzonderheden en verschillende historische en culturele achtergronden in overweging dienen te worden genomen.

Proclameert plechtig de volgende Verklaring van de Verenigde Naties inzake de Rechten van Inheemse volken als het te bereiken ideaal dat wordt nagestreefd in een geest van samenwerking en wederzijds respect,

 

Artikel 1

Inheemse volken hebben recht op het volle genot, als collectief of als individuen, van alle mensenrechten en fundamentele vrijheden zoals erkend in het Handvest van de Verenigde Naties, de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en internationale mensenrechtenwetgeving.

Artikel 2

Inheemse volken en individuen zijn vrij en gelijk aan alle andere volken en individuen en moeten hun rechten kunnen uitoefenen zonder enige vorm van discriminatie, met name wanneer deze gebaseerd is op hun inheemse afkomst of identiteit.

Artikel 3

Inheemse volken hebben het recht op zelfbeschikking. Op grond van dat recht kunnen ze vrijelijk hun politieke status bepalen en vrijelijk hun economische, sociale en culturele ontwikkeling nastreven.

Artikel 4

Inheemse volken kunnen in de uitoefening van hun recht op zelfbeschikking aanspraak maken op autonomie of zelfbestuur in zaken aangaande hun interne en lokale aangelegenheden, en kunnen aanspraak maken op manieren en middelen voor het financieren van hun autonome functies.

Artikel 5

Inheemse volken hebben het recht hun aparte politieke, juridische, economische, sociale en culturele instellingen in stand te houden en te versterken, met behoud van hun rechten op volledige deelname, indien ze hiervoor kiezen, aan het politieke, economische, sociale en culturele leven van de Staat.

Artikel 6

Elk inheems individu heeft het recht op een nationaliteit.

Artikel 7

1. Inheemse individuen hebben het recht op leven, lichamelijke en geestelijke integriteit, vrijheid en onschendbaarheid van hun persoon.

2. Inheemse volken hebben het collectieve recht op leven in vrijheid, vrede en veiligheid als aparte volken en zullen niet worden onderworpen aan enige daad van genocide of enige andere daad van geweld, waaronder het met geweld verwijderen van kinderen uit de groep naar een andere groep.

Artikel 8

1. Inheemse volken en individuen hebben het recht niet te worden onderworpen aan gedwongen assimilatie of vernietiging van hun cultuur.

2. Staten zullen effectieve mechanismen bieden ter voorkoming van en als genoegdoening voor:

(a) Enige daad die tot doel of als gevolg heeft dat hun integriteit als aparte volken of hun culturele waarden of etnische identiteiten worden ontnomen;

(b) Enige daad die tot doel of als gevolg heeft dat hun landen, gebieden of middelen worden onteigend;

(c) Enige vorm van gedwongen volksverhuizing die tot doel of als gevolg heeft hun rechten te schenden of ondermijnen;

(d) Enige vorm van gedwongen assimilatie of integratie;

(e) Enige vorm van propaganda die is ontwikkeld om aan te zetten tot tegen hen gerichte rassen- of etnische discriminatie.

Artikel 9

Inheemse volken en individuen hebben het recht om tot een inheemse gemeenschap of natie te behoren, in overeenstemming met de tradities en gebruiken van de betrokken gemeenschap of natie. Geen enkele vorm van discriminatie mag voortvloeien uit de uitoefening van een dergelijk recht.

Artikel 10

Inheemse volken mogen niet met geweld verwijderd worden uit hun landen of gebieden. Geen verplaatsing zal plaatsvinden zonder de vrijwillige, voorafgaande en geïnformeerde toestemming van de betrokken inheemse volken en alleen nadat een rechtvaardige en eerlijke vergoeding is overeengekomen en, indien mogelijk, de mogelijkheid tot terugkeer wordt geboden.

Artikel 11

1. Inheemse volken hebben het recht hun culturele tradities en gebruiken uit te oefenen en nieuw leven te geven. Dit omvat het recht om historische, huidige en toekomstige uitingen van hun culturen, zoals archeologische en historische locaties, artefacten, ontwerpen, ceremonies, technologieën, visuele en uitvoerende kunsten en literatuur in stand te houden, te beschermen en te ontwikkelen.

2. Staten zullen genoegdoening bieden door effectieve mechanismen aan te wenden, waaronder bijvoorbeeld restitutie, ontwikkeld in samenwerking met inheemse volken, met betrekking tot hun culturele, intellectuele, religieuze en spirituele eigendommen die zijn afgenomen zonder hun vrijwillige, voorafgaande en geïnformeerde toestemming of in strijd met hun wetten, tradities en gebruiken.

Artikel 12

1. Inheemse volken hebben het recht hun spirituele en religieuze tradities, gebruiken en ceremonies te openbaren, uit te oefenen, ontwikkelen en onderwijzen; het recht hun religieuze en culturele locaties in stand te houden, te beschermen en in beslotenheid te betreden; het recht tot gebruik van en controle over hun ceremoniële objecten; en het recht hun menselijke overblijfselen te repatriëren.

2. Staten zullen ernaar streven de toegang tot en/of repatriëring van ceremoniële objecten en menselijke overblijfselen die in hun bezit zijn mogelijk te maken door eerlijke, transparante en effectieve mechanismen aan te wenden, ontwikkeld in samenwerking met de betrokken inheemse volken.

Artikel 13

1. Inheemse volken hebben het recht hun geschiedenis, taal, mondelinge tradities, filosofieën, schrift en literatuur nieuw leven te geven, te gebruiken, te ontwikkelen en over te leveren aan toekomstige generaties, en om hun eigen namen te geven aan gemeenschappen, plaatsen en personen.

2. Staten zullen effectieve maatregelen nemen om dit recht te beschermen en om ervoor te zorgen dat inheemse volken in politieke, juridische en bestuurlijke procedures het behandelde begrijpen en begrepen worden, indien nodig door een vertaling of andere ondersteunende middelen te bieden.

Artikel 14

1. Inheemse volken hebben het recht hun eigen onderwijssystemen en  instellingen op te zetten en te besturen, waar onderwijs in hun eigen taal wordt geboden, op een wijze die aansluit op hun culturele onderwijs- en leermethodes.

2. Inheemse individuen, in het bijzonder kinderen, hebben het recht op alle niveaus en vormen van onderwijs in de Staat zonder discriminatie.

3. Staten zullen, in samenwerking met inheemse volken, effectieve maatregelen nemen om ervoor te zorgen dat inheemse individuen, in het bijzonder kinderen, waaronder kinderen die buiten hun gemeenschappen leven, waar mogelijk toegang hebben tot onderwijs in hun eigen cultuur en taal.

Artikel 15

1. Inheemse volken hebben het recht op de waardigheid en diversiteit van hun cultuur, tradities, geschiedenis en idealen, die op gepaste wijze zullen worden weerspiegeld in onderwijs en voorlichting.

2. Staten zullen effectieve maatregelen nemen, in overleg en samenwerking met de betrokken inheemse volken, om vooroordelen en discriminatie te bestrijden en tolerantie, begrip en een goede verstandhouding tussen inheemse volken en alle andere segmenten van de maatschappij te bevorderen.

Artikel 16

1. Inheemse volken hebben het recht hun eigen media in hun eigen taal op te zetten en hebben recht op toegang tot alle vormen van niet-inheemse media zonder discriminatie.

2. Staten zullen effectieve maatregelen nemen om ervoor te zorgen dat staatsmedia een getrouw beeld geven van de inheemse culturele diversiteit. Staten zouden private media moeten aanmoedigen om een getrouw beeld te geven van de inheemse culturele diversiteit, onverminderd het recht op vrijheid van meningsuiting.

Artikel 17

1. Inheemse individuen en volken hebben recht op het volle genot van alle rechten krachtens het toepasselijke internationale en nationale arbeidsrecht.

2. Staten zullen in overleg en samenwerking met inheemse volken specifieke maatregelen nemen om inheemse kinderen te beschermen tegen economische uitbuiting en het verrichten van elke arbeid die gevaar kan opleveren, de opvoeding van het kind hindert of schadelijk is voor de gezondheid van het kind of zijn lichamelijke, psychische, spirituele, morele of sociale ontwikkeling, rekening houdend met hun bijzondere kwetsbaarheid en het belang van onderwijs voor hun empowerment.

3. Inheemse individuen hebben het recht niet te worden onderworpen aan enige discriminerende arbeidsvoorwaarden, onder andere met betrekking tot het in dienst nemen of salaris.

Artikel 18

Inheemse volken hebben het recht deel te nemen aan de besluitvorming in aangelegenheden die hun rechten zouden aantasten, via vertegenwoordigers door henzelf gekozen overeenkomstig hun eigen procedures, en het recht om hun eigen inheemse besluitvormingsinstituten in stand te houden en te ontwikkelen.

Artikel 19

Staten zullen overleggen en te goeder trouw samenwerken met de betrokken inheemse volken via hun eigen vertegenwoordigingsinstituten teneinde hun vrijwillige, voorafgaande en geïnformeerde toestemming te krijgen voordat wetgevende of bestuurlijke maatregelen die van invloed zijn op hen worden aangenomen of uitgevoerd.

Artikel 20

1. Inheemse volken hebben het recht hun politieke, economische en sociale systemen en instituten in stand te houden en te ontwikkelen, verzekerd te zijn van het genot van hun eigen bestaans- en ontwikkelingsmiddelen, en vrijelijk deel te nemen aan al hun traditionele en andere economische activiteiten.

2. Inheemse volken aan wie de bestaans- en ontwikkelingsmiddelen zijn ontnomen kunnen aanspraak maken op rechtvaardige en eerlijke genoegdoening.

Artikel 21

1. Inheemse individuen hebben het recht, zonder discriminatie, op verbetering van hun economische en sociale omstandigheden, onder andere op het gebied van ontwikkeling, werkgelegenheid, beroepsopleidingen en herscholing, huisvesting, hygiëne, gezondheid en sociale veiligheid.

2. Staten zullen effectieve maatregelen nemen en, indien nodig, speciale maatregelen om zorg te dragen voor continue verbetering van hun economische en sociale omstandigheden. Bijzondere aandacht zal worden besteed aan de rechten en speciale behoeften van inheemse ouderen, vrouwen, jongeren, kinderen en personen met een handicap.

Artikel 22

1. Bij de uitvoering van deze Verklaring zal bijzondere aandacht worden besteed aan de rechten en speciale behoeften van inheemse ouderen, vrouwen, jongeren, kinderen en personen met een handicap.

2. Staten zullen maatregelen nemen, in samenwerking met inheemse volken, om ervoor te zorgen dat inheemse vrouwen en kinderen volledige bescherming genieten tegen alle vormen van geweld en discriminatie.

Artikel 23

Inheemse volken hebben het recht prioriteiten te stellen en strategieën te ontwikkelen voor de uitoefening van hun recht op ontwikkeling. Inheemse individuen hebben in het bijzonder het recht actief betrokken te zijn bij het ontwikkelen en opzetten van gezondheids-, huisvestings- en andere economische en sociale programma’s die op hen van invloed zijn en, voor zover mogelijk, deze programma’s via hun eigen instituten uit te voeren.

Artikel 24

1. Inheemse volken hebben het recht op hun traditionele medicijnen en instandhouding van hun medische gebruiken, waaronder de conservatie van hun medicinale planten, dieren en mineralen. Inheemse individuen hebben daarnaast het recht op toegang, zonder discriminatie, tot alle sociale diensten en gezondheidszorg.

2. Inheemse individuen hebben een gelijk recht op de hoogst mogelijke standaard van lichamelijke en geestelijke gezondheid. Staten zullen alle noodzakelijke stappen nemen om de volledige verwezenlijking van dit recht progressief te realiseren.

Artikel 25

Inheemse volken hebben het recht hun onderscheidende spirituele relatie met hun van oudsher in eigendom zijnde of anderszins in gebruik genomen landen, gebieden, waters en kustzeeën en andere middelen in stand te houden en te versterken en hebben het recht hun verantwoordelijkheden tegenover toekomstige generaties in dit opzicht na te komen.

Artikel 26

1. Inheemse volken hebben het recht op de landen, gebieden en middelen die van oudsher hun eigendom waren, die ze in gebruik hadden of die ze anderszins verworven.

2. Inheemse volken hebben het recht van eigendom, gebruik, ontwikkeling en bestuur op de landen, gebieden en middelen die ze bezitten uit hoofde van traditioneel eigendom of ander traditioneel gebruik, of die ze anderszins hebben verworven.

3. Staten zullen deze landen, gebieden en middelen wettelijk erkennen en beschermen. Het erkennen zal geschieden met alle respect voor de gebruiken, tradities en pachtstelsels van de betrokken inheemse volken.

Artikel 27

Staten zullen, in samenwerking met de betrokken inheemse volken, een eerlijk, onafhankelijk, onpartijdig, open en transparant proces opstellen en invoeren, met alle erkenning voor de rechten, tradities, gebruiken en pachtsystemen van inheemse volken, waarin de rechten van inheemse volken met betrekking tot hun landen, gebieden en middelen, waaronder die landen, gebieden en middelen die traditioneel eigendom waren of anderszins in gebruik waren erkend worden. Inheemse volken hebben het recht deel te nemen in dit proces.

Artikel 28

1. Inheemse volken kunnen aanspraak maken op genoegdoening, bijvoorbeeld door restitutie of wanneer dit niet mogelijk is door een rechtvaardige en eerlijke vergoeding, voor de landen, gebieden en middelen die traditioneel eigendom waren of anderszins in gebruik waren, en die zijn ontnomen, in beslag of gebruik zijn genomen of zijn beschadigd zonder hun vrijwillige, voorafgaande en geïnformeerde toestemming.

2. Tenzij anderszins vrijwillig overeengekomen door de betrokken volken zal de vergoeding plaatsvinden in de vorm van landen, gebieden en middelen die gelijk zijn in kwaliteit, omvang en juridische status of in de vorm van een geldelijke vergoeding of een andere passende genoegdoening.

Artikel 29

1. Inheemse volken hebben het recht op de instandhouding en bescherming van het milieu en op de productieve capaciteit van hun landen of gebieden en middelen. Staten zullen voor inheemse volken hulpprogramma’s opzetten en uitvoeren voor dergelijk behoud en bescherming, zonder discriminatie.

2. Staten zullen effectieve maatregelen nemen om ervoor te zorgen dat geen schadelijke materialen worden opgeslagen of gedumpt in de landen of gebieden van inheemse volken zonder hun vrijwillige, voorafgaande en geïnformeerde toestemming.

3. Staten zullen eveneens effectieve maatregelen nemen om ervoor te zorgen, voor zover nodig, dat gezondheidsprogramma’s voor inheemse volken, zoals ontwikkeld en ingevoerd door de volken getroffen door schadelijke stoffen, behoorlijk worden geïmplementeerd.

Artikel 30

1. In de landen of gebieden van inheemse volken zullen geen militaire activiteiten plaatsvinden, tenzij gerechtvaardigd door het algemeen belang of tenzij vrijwillig overeengekomen met of op verzoek van de betrokken inheemse volken.

2. Staten zullen effectief overleg voeren met de betrokken volken, via de aangewezen procedures en in het bijzonder via hun vertegenwoordigingsinstituten, alvorens hun landen of gebieden te gebruiken voor militaire activiteiten.

Artikel 31

1. Inheemse volken hebben het recht hun culturele erfgoed, traditionele kennis en traditionele culturele uitdrukkingen, evenals de manifestaties van hun natuurwetenschappen, technologieën en culturen, waaronder menselijke en genetische middelen, zaden, medicijnen, kennis van de eigenschappen van fauna en flora, mondelinge tradities, literatuur, ontwerpen, sporten en traditionele spelen en visuele en uitvoerende kunsten in stand te houden, te controleren, te beschermen en te ontwikkelen. Ze hebben tevens het recht hun intellectuele eigendomsrechten op dit culturele erfgoed en deze traditionele kennis en traditionele culturele uitdrukkingen in stand te houden, te controleren, te beschermen en te ontwikkelen.

2. Staten zullen in samenwerking met inheemse volken effectieve maatregelen nemen om de uitoefening van deze rechten te erkennen en beschermen.

Artikel 32

1. Inheemse volken hebben het recht prioriteiten te stellen en strategieën te formuleren voor de ontwikkeling of het gebruik van hun landen of gebieden en andere middelen.

2. Staten zullen overleggen en te goeder trouw samenwerken met de betrokken inheemse volken via hun eigen vertegenwoordigingsinstituten teneinde hun vrijwillige, voorafgaande en geïnformeerde toestemming te krijgen voordat ze projecten goedkeuren die van invloed zijn op hun landen of gebieden en andere middelen, met name in verband met de ontwikkeling, het gebruik of de exploitatie van mineralen, water of andere hulpbronnen.

3. Staten zullen effectieve mechanismen bieden voor een rechtvaardige en eerlijke genoegdoening voor dergelijke activiteiten en gepaste maatregelen zullen worden getroffen om de nadelige milieu-, economische, sociale, culturele en spirituele invloeden te beperken.

Artikel 33

1. Inheemse volken hebben het recht hun eigen identiteit of lidmaatschap te bepalen in overeenstemming met hun gebruiken en tradities. Dit doet geen afbreuk aan het recht van inheemse individuen om het burgerschap te verkrijgen van de Staten waarin ze wonen.

2. Inheemse volken hebben het recht de structuur en het lidmaatschap van hun instituten te bepalen in overeenstemming met hun eigen procedures.

Artikel 34

Inheemse volken hebben het recht hun institutionele structuren en hun onderscheidende gewoontes, gebruiken, spiritualiteit, tradities, procedures en, in de gevallen waar ze bestaan, juridische systemen of gebruiken, te bevorderen, ontwikkelen en in stand te houden in overeenstemming met de standaarden voor internationale mensenrechten.

Artikel 35

Inheemse volken hebben het recht de verantwoordelijkheden van individuen in hun gemeenschappen te bepalen.

Artikel 36

1. Inheemse volken, in het bijzonder volken die worden gescheiden door internationale grenzen, hebben het recht contacten, relaties en samenwerkingen te onderhouden en ontwikkelen, met onder andere spirituele, culturele, politieke, economische en sociale oogmerken, met hun eigen leden evenals met andere volken over grenzen heen.

2. Staten zullen in overleg en samenwerking met inheemse volken effectieve maatregelen nemen om de uitoefening van dit recht te faciliteren en toe te zien op de uitvoering van dit recht.

Artikel 37

1. Inheemse volken hebben het recht op erkenning, naleving en uitvoering van Verdragen, Akkoorden en andere Constructieve Afspraken gesloten met Staten of hun rechtverkrijgenden en Staten moeten deze Verdragen, Akkoorden en andere Constructieve Afspraken nakomen en respecteren.

2. Niets in deze Verklaring mag worden uitgelegd als een beperking of uitsluiting van de rechten van Inheemse volken zoals vastgelegd in Verdragen, Akkoorden en Constructieve Afspraken

Artikel 38

Staten zullen in overleg en samenwerking met inheemse volken gepaste maatregelen nemen, waaronder wettelijke maatregelen, teneinde de doelen van deze Verklaring te bereiken.

Artikel 39

Inheemse volken hebben het recht op toegang tot financiële en technische ondersteuning van Staten en door internationale samenwerking, voor het genot van de rechten vastgesteld in deze Verklaring.

Artikel 40

Inheemse volken hebben het recht op toegang tot en een vlotte afwikkeling middels rechtvaardige en eerlijke procedures voor het oplossen van conflicten en geschillen met Staten of andere partijen, en op effectieve genoegdoening voor alle aantastingen van hun individuele en collectieve rechten. Bij de afwikkeling dient rekening te worden gehouden met de gebruiken, tradities, regels en juridische systemen van de betrokken inheemse volken en internationale mensenrechten.

Artikel 41

De organen en gespecialiseerde organisaties van het Verenigde Naties-systeem en andere intergouvernementele organisaties zullen bijdragen aan de volledige uitvoering van de bepalingen in deze Verklaring door de mobilisatie, onder andere, van financiële samenwerking en technische ondersteuning. Manieren en middelen om te zorgen voor deelname van inheemse volken met betrekking tot kwesties die hen aangaan zullen worden vastgesteld.

Artikel 42

De Verenigde Naties, haar lichamen, waaronder het Permanente Forum voor Inheemse Zaken, en gespecialiseerde organisaties, waaronder op landniveau, en Staten, zullen respect voor en volledige toepassing van de bepalingen in deze Verklaring bepleiten en de uitwerking van deze Verklaring onderzoeken.

Artikel 43

De hierin erkende rechten vormen de minimumstandaarden voor het overleven, de waardigheid en het welzijn van inheemse volken over de wereld.

Artikel 44

Alle hierin erkende rechten en vrijheden gelden gelijkelijk voor mannelijke en vrouwelijke inheemse individuen.

Artikel 45

Niets in deze Verklaring mag worden uitgelegd als een beperking of uitsluiting van de rechten die inheemse volken nu bezitten of in de toekomst zouden verkrijgen.

Artikel 46

1. Niets in deze Verklaring zal zodanig mogen worden uitgelegd, dat welke Staat, volk of persoon dan ook, daaraan enig recht kan ontlenen om iets te ondernemen of handelingen van welke aard ook te verrichten, die in strijd zijn met het Handvest van de Verenigde Naties of worden geïnterpreteerd als toestemming voor of aanmoediging van een daad die op enige wijze afbreuk zou doen aan de territoriale integriteit of politieke eenheid van soevereine en onafhankelijke Staten.

2. Bij de uitoefening van de rechten uiteengezet in de onderhavige Verklaring dienen mensenrechten en fundamentele vrijheden van eenieder gerespecteerd te worden. De uitoefening van de rechten uiteengezet in deze Verklaring is uitsluitend onderworpen aan beperkingen bepaald in de wet, overeenkomstig internationale mensenrechtenverplichtingen. Dergelijke beperkingen dienen non-discriminatoir en strikt noodzakelijk te zijn, uitsluitend ter verzekering van de onmisbare erkenning en eerbiediging van de rechten en vrijheden van anderen en om te voldoen aan de gerechtvaardigde en meest dwingende eisen van een democratische maatschappij.

3. De bepalingen uiteengezet in deze Verklaring dienen te worden uitgelegd overeenkomstig de beginselen van recht, democratie, respect voor mensenrechten, gelijkheid, non-discriminatie, goed bestuur en goede trouw.

1 Deze Nederlandse vertaling is niet geautoriseerd. Het betreft een vertaling van de originele Engelse tekst door een professioneel vertaalbureau in opdracht van het Nederlands Centrum voor Inheemse Volken.